Er was eens een houthakker, die heel gelukkig met zijn vrouw in
een hut van boomstammen midden in het woud woonde. Iedere
morgen ging hij zingend naar zijn werk en wanneer hij 's avonds
thuis kwam, dan stond er al een dampend bord soep op hem te wachten.
Op zekere dag kwam hij terecht bij een sparreboom die vreemde
gaten in de stam had. Deze zag er anders uit dan andere bomen en
net toen hij de boom wou omhakken, stak elf het hoofd door een van
de gaten.
'Wat is al dit lawaai?' vroeg de elf, 'je bent, hoop ik, toch niet van plan
om deze boom om te hakken, of wel? Dit is mijn huis!'
Vol verbazing liet de houthakker zijn bijl zakken. 'Wel, allemachtig,'
stamelde hij. 'Er staan zoveel bomen in het bos, waarom moet je nou
net deze boom omhakken,' voer de elf tegen hem uit.
Ofschoon hij verrast en ook wel een klein beetje bang was, begon de
houthakker dapper van: 'Ik hak elke boom om, waar ik zin in heb...'
'Ja, ja,' viel de elf hem in de rede. 'Laat ik het zo zeggen: als jij deze
boom niet omhakt, dan mag je drie wensen doen. Akkoord?'
De houthakker krabde zich eens achter het oor. 'Drie wensen? Ja, dat
is goed' en hij begon een andere boom om te hakken. Onder zijn werk
bleef hij denken aan die toverwensen. 'Ik zal eens zien wat mijn vrouw
ervan denkt,' mompelde hij.
De vrouw van de houthakker was buiten druk bezig een pot schoon te
maken, toen haar man thuis kwam. Hij greep haar bij haar middel en
draaide haar vrolijk in het rond.
'Hoera, hoera! We hebben geboft!'
De vrouw kon maar niet begrijpen waarom haar man zo uitgelaten deed
en ze schudde zich van hem los. Later echter, toen hij met een mok wijn
aan de eenvoudige tafel zat, vertelde de houthakker zijn vrouw over de elf.
Ze begon al te verzinnen wat voor prachtige dingen de drie wensen van
de elf hen zou kunnen brengen.
De vrouw nam een slok uit de mok van haar man. Ze smakte haar lippen.
'Ik wou dat ik ook een slinger worsten had. ...
Meteen beet ze op haar tong, maar het was te laat. Er kwam opeens een
slinger worsten tevoorschijn.
'Worsten,' brulde de houthakker. 'Wat een verkwisting. Ik wou dat die
worsten aan je neus bleven plakken'. Nauwelijks had hij dat gezegd of de
worsten sprongen de lucht in en kwamen vast te zitten aan de neus van
de vrouw.
'Jij idioot. Wat heb je nou toch gedaan?' huilde de vrouw. 'Denk eens aan
al de dingen die we hadden kunnen vragen!'
De houthakker riep gekrenkt: 'Voor twee centen .....'
Hij stopte verschrikt, want hij had bijna gezegd: 'Voor twee centen mag je
mijn tong afsnijden'. Maar toen hij zag hoe bitter zijn vrouw aan het klagen
was, barstte hij in lachen uit.
'Als je eens wist hoe raar je eruit ziet met die worsten aan het puntje van
je neus!'

De vrouw trok aan de worsten, maar die bleven op hun plaats zitten. Ze trok
en trok nog eens, maar het was tevergeefs. De worsten zaten heel stevig aan
haar neus vast. 'Die zullen daar voor de rest van mijn leven zitten,' huilde ze.
'Laat mij het eens proberen,' zei de houthakker, die medelijden met zijn vrouw
kreeg en zich afvroeg hoe hij zou kunnen leven met een vrouw die zo'n rare
neus had.
Hij greep de worsten stevig vast en trok uit alle macht. Maar zo trok hij alleen
maar zijn vrouw bovenop zich. Het echtpaar zat op de grond en keek elkaar
verdrietig aan.
'Wat kunnen we nou doen?' zeiden ze, maar allebei dachten hetzelfde.
'Er is maar één oplossing' zei de vrouw van de houthakker
schuchter.
'Ja, dat denk ik ook', zuchtte haar man, terwijl hij aan hun dromen dacht,
en hij sprak heel dapper zijn derde en laatste wens uit. 'Ik wou dat de
worsten van de neus van mijn vrouw af gingen'.
En dat gebeurde. De man en vrouw vielen elkaar direct huilend om de hals.
'Als we maar geweten hadden hoe we op onze woorden konden passen',
zeiden ze.
De elfen hadden wel verwacht dat er iets vreemds zou gebeuren en
zonder dat de houthakker en zijn vrouw het wisten hadden de elfen
alles wat er was gebeurd gadegeslagen.
Ze vonden het heel grappig. Want ze wisten iets wat mensen blijkbaar
niet weten. Zij konden helemaal geen wensen vervullen. De mensen
vervullen zelf aldoor al hun wensen. Wat ze geloven komt altijd uit. Al hun
gedachten en woorden hebben macht, omdat ze uitdrukken waar ze in
geloven. En als ze ergens niet in geloven, zullen ze dat ook niet meemaken.
De houthakker en zijn vrouw geloofden in de toverkracht van de elfen en
door hun geloof werden hun woorden heel machtig. Ze waren gewoon
een voorbeeld van al die mensen die de hele tijd hele vreemde dingen
wensen en niet eens weten dat ze dat zelf doen.
Hoewel de elfen niets snappen van de mensen en hun rare wensen,
hebben ze er wel heel veel plezier om! Het is toch ook wel heel vreemd
dat mensen gewoon niet zien dat alles wat ze geloven altijd gebeurt!
Terug naar de Nederlandse kinderpagina
Terug naar de Nederlandse Hoofdpagina